Remco Campert schrijft al heel lang: zijn eerste boek dateert uit 1951. Zijn boeken weerspiegelen zijn eigen levenscyclus en de historische maatschappelijke ontwikkeling.

Dan denk ik bijvoorbeeld aan een van boek waarmee hij erg bekend werd:  “het leven is Vurrukkeluk” (1961). Na de zuinige jaren 50 waar hard gewerkt werd, was er in de jaren zestig meer ruimte voor andere dingen en ook voor genieten. De titel “het leven is Vurrukkeluk” is ontleend aan de eerste wat cynische uitspraak in dit boek. Bij alle personages is sprake van een gemis, van een leegte. De twijfel aan de zin van het bestaan lijkt iedereen te verenigen in allerlei betekenisloze activiteiten als seks en veel drinken.

Ook in het laatste boek van Remco Campert “Mijn dood en ik” is het thema de zin van het bestaan . Alleen op een heel andere manier, anno 2019 passend bij de leeftijd en de ontwikkeling van de auteur. In zijn korte, tastende gedichten is er geen sprake meer van veel (betekenisloze) woorden en activiteiten. Zoekend, en associatief; ouderdom, aftakeling, eind van het leven en steeds nader komende dood worden benoemd op een heel persoonlijke en verrassende manier. Zijn gedichten hebben voor mij een hoog soortelijk gewicht.“ha die dood
die me mijn hele leven vergezelde
trouwe vriend
van wie ik nu afscheid neem”

Net als in eerdere bundels zijn er vogels aanwezig. Waar ze voorheen voor de mogelijkheid stonden om de werkelijkheid te ontvluchten of waar ze de verbinding symboliseerden tussen dat verlangen en de realiteit, zijn ze nu statisch, net als de mens.

Op de voorkant van de bundel prijkt een witte duif, symbool van de ziel. Daarboven staat de titel, op een doordachte manier vormgegeven: tussen het woordpaar ‘mijn dood’ en het woordpaar ‘en ik’ staat een stippellijn van boven naar beneden. Er is nog maar een kleine scheidslijn tussen de dood en ik.

“Ik kijk naar buiten
Een boom die bloeit
alles leeft
een vogel die zwenkt
een mens die loopt
ik kijk naar binnen
de dood die groeit”

De ruim 30 gedichten hebben geen titels, ze zijn kort (het langste kent elf regels), maar ze kennen net zulke rake observaties als zijn eerdere werk. Campert poogt de dood niet te bezweren of te slim af te zijn. Het lezen van zijn laatste bundel doet je berusten. Met bedrieglijk gemak aanvaard je je sterfelijke, ware gedaante.Remco Campert werd in 2019 negentig jaar. Hij schrijft nog bijna iedere dag een gedicht.

Renee Lommen